Digitale contactsensor voor algemene doeleindenGT Reeks

GT-71A

Versterkereenheid, DIN rail type, NPN

SPECIFICATIES

Selecteer taal

Model

GT-71A

Vermogen

NPN-uitgang

Montagemethode

DIN-railmontage *1

Hoofdeenheid/Uitbreidingseenheid

Hoofdeenheid*2

Verbruik

Normaal

Bij 12 V: 1,140 mW (95 mA) of minder, Bij 24 V: 1,200 mW (50 mA) of minder

Power saving (Eco)

Bij 12 V: 600 mW (50 mA) of minder, Bij 24 V: 840 mW (35 mA) of minder

Display vermogen

Gemeten waarde display

6-cijferig 7-segments LED (rood)

Andere displays

2-kleuren LED met 13-balkniveaus (rood, groen), indicatoren (rood, groen)

Displaygebied

-99,999 tot 999,999

Display resolutie

1 µm

Sampling verhouding

2,000 keer/seconde

Stuur ingang

Timing/Preset/Bank ingang

Timing ingang: Ingangstijd 2 ms of meer, Preset ingang/Bank ingang: Ingangstijd 20 ms of meer,

Responstijd

hsp (1,5 ms), 5 ms, 10 ms, 100 ms, 500 ms, 1 s, 5 s

HOOG, GO, LAGE uitgang

NPN open collector, 50 mA max. 40 V of minder
residuele spanning: 1 V of minder, N.O./N.C. verwisselbaar

Belangrijkste functies

Aanwezig, Wachten, Variabele hysterese, Variabele responstijd, Multiplier instelling, Bankfunctie (4 banken),
Zelf-timing, Vermogen sparen (eco) modus, Applicatiemodus, Kalibratiefunctie, Kernalarm

Specificatie

Spanning

12 tot 24 VDC, rimpel (P-P) 10 % of minder*3

Omgevings Bestendigheid

Omgevingstemperatuur

-10 tot +55 °C (Niet bevriezend)

Omgevingsvochtigheid

35 tot 85 % RH (Zonder condensatie)

Trilling

10 tot 55 Hz, Dubbele amplitude 1,5 mm, 2 uren in elk van de richtingen X, Y en Z

Materiaal

Behuizing hoofdeenheid: Polycarbonaat, Sleuteldop: Polyacetaal, Voorste plaat: Polycarbonaat, Kabel: PVC

Accessoires

Instructiehandleiding

Gewicht

Ong. 110 g (inclusief stroomkabel)

*1 Zorg ervoor dat de DIN-railhouder van de versterker op een DIN-rail wordt bevestigd (bv. de eenheid moet gemonteerd worden op de metalen DIN-plaat). Voor een extra versterkereenheidinstallatie, zorg dat de eindeenheid wordt gebruikt
(OP-26751).
*2 Een hoofdeenheid en negen uitbreidingseenheden (tien in het totaal) kunnen bijkomend worden geïnstalleerd. Voor de installatie van bijkomende versterkereenheden moet elke uitgangsstroom 20 mA of minder zijn.
*3 Indien bijkomende versterkereenheid geïnstalleerd worden, is de voedingsspanning 24 VDC.

METINGBIBLIOTHEEK

  • Trade Shows and Exhibitions
  • eNews Subscribe

Meetsensoren